Stadsdichter Nijmegen 2015-2016

 

Alle gedichten die ik in de periode 2015-2016 als Stadsdichter van Nijmegen schreef, zijn gebundeld. Nu nog in de najaarsbrochure van Marmer, vanaf oktober is Eigen terrein verkrijgbaar in Nijmegen en ver daarbuiten.

 

 

 

 

 

img-20170131-wa0007

 

Op 31 januari 2017 heb ik twee mooie, enerverende jaren als stadsdichter van Nijmegen afgesloten tijdens het Poëziefeest in Bibliotheek de Mariënburg, waar ik samen met burgemeester Bruls het prachtige schilderij van Mireille Ligterink mocht onthullen dat in de bieb komt te hangen naast de vijf voorgaande stadsdichters.

Ik wens de nieuwe stadsdichter Amal Karam veel plezier en succes de komende twee jaar!

 

 

Ook dit jaar (2016) verscheen er weer een stadsdichtersbundel, een bloemlezing met werk van Nederlandse en Vlaamse stadsdichters ter gelegenheid van de 12e Nationale Stadsdichtersdag in Lelystad in 2016. Mijn gedichten ‘Bezoekers’, ‘Belofte in rood’ en ‘Uitgevlogen’ zijn erin opgenomen.

20160919_085820

20160919_085905

 

 

 

 

 

 

 

 

Stadsgedicht 5 |

Kleine elegie voor een groot dichter

gedicht H.H. ter Balkt 001

*De dichter H.H. ter Balkt (1938-2015), al vele jaren woonachtig in Neerbosch-Oost in Nijmegen, overleed op 9 maart jl. Zijn oeuvre werd met meerdere prijzen onderscheiden, met de Karel de Grote-prijs (1997), de Constantijn Huygens-prijs (1998) en de P.C. Hooft-prijs (2003).  De Gelderlander, 11 maart 2015.

 

 

Stadsgedicht 1 |

Goudvis in de waal

je ging naar het plein om de keizer te zien
het vroor, het was nacht
en je had geen plan.

je was jong en je leven was als op de rotonde:
zolang je niet afslaat
kun je nog alle kanten op.

wij bestaan uit water en tijd, zei de keizer
zijn woorden vielen als ijsblokjes
gladwit stuiterend op de grond.

je dacht aan je goudvis, die je als kind in de lente
meenam naar buiten en vergat;
nachtvorst zette hem op pauze -je was ontroostbaar

tot de zon hem ontdooide en hij weer zwom.
jaren later spoelde je vader hem door naar zijn vrienden
die op hem wachtten in zeeën van tijd

je gaat naar de brug om de waal te zien
heeft water een leeftijd, het is al zo oud;
zou het iets weten, vraag je de rivier

en de stad staat blauw van de dag aan haar kade
een aak duwt traag de ochtend voor zich uit
aan dek schudt een vrouw uit lakens haar dromen

soms denk je nog aan zijn woorden, draaiend van afslag
naar afslag op die kolkende rotonde, en vraag je je af
wat daar zo schittert, in die diepe, donkere onderstroom

*Mijn eerste stadsgedicht verscheen op 5 februari 2015 in De Gelderlander

 

In 2015-2016 was ik Stadsdichter van Nijmegen. Ik volgde daarmee Marijke Hanegraaf op.Mijn vijf voorgangers, Marijke Hanegraaf, Dennis Gaens, Jaap Robben, Victor Vroomkoning en Merijn Hilte, hebben Nijmegen met veel verve op de poëtische kaart gezet. Ze hebben niet alleen veel prachtige gedichten geschreven, maar bedachten ook allerlei ludieke manieren om de poëzie dichter bij de Nijmeegse bevolking te brengen, één van de taken van de stadsdichter. Ze hebben hun poëzie op verrassende en originele wijze achtergelaten op verschillende plekken in de stad.

Als zesde stadsdichter heb ik in opdracht en op eigen initiatief gedichten geschreven en naar manieren gezocht om deze onder de aandacht te brengen.  Ook zette ik het poëziespreekuur in de bibliotheek voort, elke 2e zaterdag van de maand.

De gebundelde oogst van deze twee jaar, 22 gedichten in totaal met een korte toelichting bij elk gedicht, verscheen in oktober 2017 bij Uitgeverij Marmer onder de titel Eigen terrein.